De DSM beschrijft psychiatrische stoornissen als aparte stoornissen. Toch komen ze vaak samen voor. Dat maakt dat standaard, stoornis-specifieke behandelingen vaak tekortschieten om een overlappende biologische mechanisme aan te pakken. Door juist een totaalaanpak, zouden betere resultaten haalbaar mogelijk kunnen zijn.
Een recent gepubliceerde casus beschrijft een 38-jarige vrouw met PTSS, ADHD, eetbuistoornis, bipolaire II-stoornis, depressie en angsten. Zij volgde een gestructureerd KMT-programma van 8 weken met wekelijkse begeleiding tot week 24. KMT staat voor ketogene metabole therapie waarbij de hoeveelheid koolhydraten beperkt wordt. Hierdoor gaat de lever ketonen produceren en komt het lichaam in ketose.
De vrouw begon met een verhouding van 1,5:1:1 voor vet:eiwit:koolhydraten (160 g vet, 55 g eiwit, 52 g koolhydraten) in de eerste 4 weken. Daarna 170 g vet, 55 g eiwit en maar 30 koolhydraten om de hoeveelheid ketonen te optimaliseren. Ze combineerde dit met dagelijkse keton- en glucoseregistratie en intermittent fasting. Binnen 12 weken rapporteerde ze volledige remissie op alle gevalideerde vragenlijsten, waaronder PHQ-9, GAD-7, DASS-21, PCL-5, BES (binge eating scale) en CRAVED (food-addictieschaal).
De patiënte noteerde dat haar optimale functioneren samenviel met ketonwaarden tussen 3 en 5 mmol/L, en dat terugval direct samenhing met dalende ketonen — meestal veroorzaakt door meer koolhydraten in haar voeding. Naast kwantitatieve uitkomsten meldde zij zelf een drastische verbetering in concentratie, stemming, sociale contacten en het hervatten van werk. Interessant is dat ze haar mentale stabiliteit beschreef alsof ketose net zo essentieel was als medicatie, gezien de snelle terugkeer van klachten buiten ketose.
Een ketogeen dieet (KMT) werkt volgens het artikel als metabole interventie. Door neuro-inflammatie en oxidatieve stress te verminderen en mitochondriale functies te verbeteren, kan KMT een gedeelde biologische basis van verschillende psychiatrische stoornissen beïnvloeden. Daarmee past het binnen een transdiagnostisch model. De auteurs pleiten voor gecontroleerd vervolgonderzoek naar therapeutische ketonranges en praktische implementatie bij complexe psychiatrische patiëntenpopulaties.
Ook wordt opgemerkt in het artikel dat deze casus uniek is omdat het voor het eerst formeel PTSD-remissie met KMT vastlegt met gevalideerde instrumenten (PCL-5), en subjectieve verbeteringen in ADHD-gerelateerde symptomen rapporteert, hoewel ADHD niet afzonderlijk gemeten werd.
Het is natuurlijk maar één casus met dus de methodologische beperking van N=1. Toch zijn de resultaten zeer hoopgevend zijn nodigt het uit tot verder wetenschappelijk onderzoek naar KMT als mogelijke bredere psychiatrische behandelstrategie.